Hoe kunnen we natuur en landschap in Nederland duurzaam versterken? En hoe maken we verbindingen die in het natuurnetwerk nog ontbreken?

Met Kathedraallandschappen onderzoeken Walden Studio, Akademie van Plaats en Renée Rooijmans hoe ruimtelijk ontwerp lokale initiatieven kan verbinden en kan bijdragen aan toekomstbestendige, regeneratieve landschappen.

Tijdens een reeks landschapsexpedities verkennen we de mogelijke verbinding tussen de Oostvaardersplassen en de Veluwe. Samen met ecologen, boswachters, boeren, grondeigenaren en ontwerpers lezen we het landschap vanuit andere soorten en over meerdere generaties. Zo onderzoeken we hoe lokale kennis, bestaande initiatieven en natuurlijke processen elkaar kunnen versterken binnen een groter landschappelijk verband.

Kathedraallandschappen

type project: onderzoek
samenwerking: ARK Rewilding, Waterschap Vallei en Veluwe, Landschapsbeheer Gelderland, Landschapsbeheer Flevoland, voedselbos en moestuin Thuishaven Zeewolde en gemeenschap Zevenbergen
status & data: 2026
locatie: van de Veluwe tot aan de Oostvaardersplassen

Bouwen voorbij onze eigen tijd

Natuurherstel vraagt om een lange adem. Grootschalig overheidsbeleid kan veel mogelijk maken, maar is ook politiek kwetsbaar en veranderlijk. Tegelijkertijd werken grondeigenaren, boeren, natuurbeheerders, verenigingen en lokale initiatieven vaak jarenlang aan het behouden en verrijken van hun omgeving. Hun inzet is duurzaam en sterk verbonden met de plek, maar dreigt versnipperd te blijven.

Hoe kunnen deze lokale praktijken samen onderdeel worden van een groter landschap?

De naam Kathedraallandschappen verwijst naar bouwwerken waaraan generaties lang werd gewerkt. De bouwers begonnen zonder het eindresultaat zelf te zullen meemaken. Kunnen we ook zo naar landschappen kijken: niet als projecten met een vast eindbeeld, maar als levende systemen waaraan iedere generatie verder bouwt?

Een verbinding tussen Oostvaardersplassen en Veluwe

Als casus onderzoeken we een mogelijke landschappelijke verbinding tussen de Oostvaardersplassen en de Veluwe. Op de menselijke kaart lijken de natuurgebieden soms bijna op elkaar aan te sluiten. In het veld komen we infrastructuur, landbouw, waterlopen, hekken, dorpen en scherpe beheersgrenzen tegen.

Daarom bekijken we deze verbinding bewust niet alleen van bovenaf. We gaan het landschap in met ontwerpers, ecologen, boswachters, boeren, grondeigenaren en andere mensen die hier wonen en werken. Wat groeit er al van onderop? Welke verhalen en waarden drijven mensen om langdurig zorg te dragen voor een plek? En hoe kunnen losse initiatieven samen een grotere landschappelijke beweging vormen?

Vijf expedities voeren langs verschillende biotopen op de lijn tussen de Oostvaardersplassen en de Veluwe. Daarnaast leggen we de hele verbinding per fiets af, met bijzondere aandacht voor de randen, overgangen, koppelingen en blokkades tussen de gebieden.

Het landschap lezen met andere soorten

Iedere expeditie wordt geleid door een plant, dier of landschappelijk element. De blauwe kiekendief, wilde roos, libel, otter en het water helpen ons om andere kenmerken en tijdschalen van het landschap waar te nemen.

Een libel ervaart een poel anders dan een mens. Een wilde roos maakt zichtbaar waar bosranden, licht en begrazing samenkomen. Een kiekendief verbindt een veilige broedplaats aan voedselgebieden kilometers verderop.

Door vanuit andere soorten te denken, verschuift ook de ontwerpvraag. Niet alleen menselijke bereikbaarheid of eigendom telt, maar ook waterkwaliteit, duisternis, rust, bodemleven, seizoenen en de mogelijkheid om zich door het landschap te verplaatsen.

De werkwijze

De expedities zijn zowel veldonderzoek als een test van een ontwerpmethodiek. Daarin staan enkele uitgangspunten centraal:

Zintuiglijk onderzoek

We verlaten de abstractie van de tweedimensionale kaart. Lopend, luisterend, kijkend, voelend en soms wroetend in de bodem ervaren we het landschap als zoogdier én als onderdeel van het ecosysteem.

Samen het veld in

We wandelen met mensen die het gebied vanuit verschillende posities kennen. In het landschap worden verschillen in kennis, ervaring en waarden concreet en bespreekbaar.

Een lange tijdshorizon

Andere soorten als gids

We proberen het landschap waar te nemen vanuit de behoeften en mogelijkheden van planten en dieren.
We kijken ongeveer meerdere generaties terug en vooruit. Welke keuzes uit het verleden bepalen wat we nu aantreffen? En hoe werken onze keuzes door in volgende generaties?

Expeditie 1: Oostvaardersplassen

Op vrijdag 24 juli vertrokken we vanuit de regeneratieve Burgerboerderij bij Oosterwold. Met een gemengd expeditieteam bekeken we het landschap door de ogen van de blauwe kiekendief, die ons tussen akkers, bossages, windmolens en langs snelwegen leidde.

De blauwe kiekendief maakte zichtbaar dat een ecologische verbinding geen groene lijn is, maar een samenhang van broedplekken, voedselgebieden en veranderende landschappen. In de jonge Flevopolders vond de soort tijdelijk een uitgestrekt pionierlandschap, maar zij verdween weer toen het gebied productiever en stabieler werd. De blauwe kiekendief lijkt daarmee niet zozeer om méér aangelegde natuur te vragen, maar om ruimte voor verandering, tijdelijkheid en verval. Ontwerpen we leefgebied voor de blauwe kiekendief, of geven we het landschap de ruimte om zelf leefgebied voort te brengen?

Expeditie 2: Veluwe

Op vrijdag 4 september liepen we door het Sprielderbos, tussen Garderen en Drie. Onze gids was de familie van de wilde roos. Tussen de beuken en ‘dansende bomen’ bleek zij opvallend afwezig. Wilde rozen groeien vooral langs bosranden en op open plekken, waar licht de bodem bereikt.

Wat gebeurt er wanneer oude bomen omvallen en grote grazers open plekken helpen openhouden? Ontstaat dan een gevarieerder landschap waarin pioniersbomen, struiken en wilde rozen terugkeren? Is dat wenselijk, of willen we juist dit ogenschijnlijk natuurlijke beukenbos als cultuurlandschap behouden?

Expeditie 3: Horsterwold

Op zaterdag 6 september struinden we door de Stille Kern van het Horsterwold: een jong bos in een drooggelegde polder, ooit aangelegd voor houtproductie en nu grotendeels gevormd door water, spontane ontwikkeling en grote grazers.

De libel leidde ons langs bosranden, drassige laagtes en poelen vol leven. We zagen lepelaars, kikkers, zweefvliegen en vlinders. Tegelijk liet zij de kwetsbaarheid van het landschap zien. Libellenlarven leven soms jarenlang onder water. Wanneer een poel te vroeg opdroogt, kan een hele generatie verdwijnen.

De Zuiderzee werd land, het land werd productiebos en het productiebos ontwikkelde zich tot een divers natuurlandschap. Het Horsterwold laat zien hoe snel natuur kan terugkeren — als ze ruimte, schoon water en tijd krijgt.

En er volgt meer..

4. Randmeren — de otter

Tijdens de vierde expeditie onderzoeken we met de otter als gids de oevers en waterverbindingen van de Randmeren.

5. Het Groene Valleilint en Oldenaller — waterlichamen

In de vijfde expeditie volgen we het water door het landschap rond het Groene Valleilint en landgoed Oldenaller. Niet één soort, maar het water zelf vormt hier onze gids. 

6. De volledige verbinding — op de fiets

Tot slot fietsen we het volledige traject tussen de Oostvaardersplassen en de Veluwe. Op deze tussenschaal onderzoeken we hoe de afzonderlijke expeditiegebieden met elkaar samenhangen: waar loopt het landschap door, waar stokt het en welke onverwachte verbindingen liggen ertussen?

Twee opbrengsten

Kathedraallandschappen levert twee met elkaar verbonden resultaten op.

De eerste opbrengst is de Kathedraaltoolkit: een verzameling kaarten, logboeken, oefeningen en hulpmiddelen voor zintuiglijk en meer-dan-menselijk veldonderzoek. De toolkit ondersteunt ontwerpers en gebiedspartners om zelf landschapsexpedities te organiseren en los te komen van een uitsluitend planologische blik op het landschap.

De tweede opbrengst is een visie van onderop op de verbinding tussen de Oostvaardersplassen en de Veluwe. Deze visie groeit vanuit wat we onderweg ervaren en van het gebied leren: de verschillende landschappen en overgangen, maar ook de mensen, verhalen, waarden en bestaande initiatieven die het landschap nu al veranderen. 

Zo wordt de expeditie een ontwerpinstrument: een manier om een landschap niet alleen te bekijken, maar er onderdeel van te worden — en samen te onderzoeken wat vandaag nodig is om over generaties verder te kunnen groeien.

Over het project

Kathedraallandschappen is een samenwerking van Walden Studio, Akademie van Plaats en Renée Rooijmans. Het ontwerpend onderzoek wordt ondersteund door het Stimuleringsfonds Creatieve Industrie vanuit de Open Oproep Regeneratieve regio’s.

Vorige
Vorige

Muurbos